GRAN TEATRO AMARO
 

thuis    geschiedenis    cds    concerten    nieuws    pers    muziek    video    contact

In 1989 bezoeken de Franse zanger François-Regis Cambuzat en de Italiaanse accordeoniste en pianiste Roberta Possamai, voorheen de kern van de Italiaanse garagerockband The Kim Squad, Amsterdam, waar ze de samenwerking aangaan met de Nederlandse gitarist Robert van der Tol en de Duitse bassist Stefan Lienenkämper. Uit geldgebrek wordt er aanvankelijk op straat en in kroegen gespeeld, wat leidt tot de wens voortaan geheel akoestisch te musiceren, zonder microfoons of versterkers. Dichter bij het publiek, intiemer en een meer theatrale presentatie; dat was het streven en heden ten dage, na 25 jaar, nog steeds de filosofie.

Café Zapata, Tacheles, Berlin, 1991 (uit het fotoboek “Berlin Wonderland”, bobsairport 2014)

Zingend in meerdere talen en beïnvloed door uiteenlopende, voornamelijk Europese voorbeelden, ontwikkelen de vier muzikanten al snel hun eigen, unieke manier van componeren en optreden. Hoewel afkomstig uit de rock scène zijn ze nochtans verliefd op de muziek van Kurt Weill, het Franse chanson, 20e eeuwse klassieke componisten en op vele soorten volksmuziek. François, een tekstschrijver doordrenkt van de woorden van Camus, Cendrars, Jessenin en Pasolini, spuugt zijn odes aan de absurditeit van het leven in de gezichten van het nietsvermoedende publiek, met de intensiteit van een jonge Brel. Onaangedaan streelt Roberta ondertussen haar accordeon, gelijk een geliefde, als ze tenminste niet het pianoklavier vuistgewijs mishandelt. Haar stem, gelijke delen Jane Birkin en Moe Tucker, brengt momenten van een naïeve, haast erotische charme. Het cliché van de solide, onverstoorbare bassist is zeker van toepassing op Stefan, maar dat zou geen recht doen aan zijn grote compositorische kwaliteiten. Tegenwoordig is hij een serieuze moderne componist, woonachtig in Berlijn. Als lichtelijk rebelse tiener op de Veluwe in de jaren '70 was Robert geobsedeerd door zogenaamde progressieve rock. Workshops met Robert Fripp en Fred Frith en het spelen in new-wave band Media in de jaren '80 veranderde daar niets aan, hoewel hij inmiddels wel zijn eigen stem heeft gevonden: als componist van het overgrote deel van Gran Teatro Amaro's repertoire, en als zanger herinnerend aan Piero Ciampi en Tom Waits.

Hamburg, 1992

Nürnberg, 1993

Na een jaar of twee van veel touren in Italie en Duitsland, ondersteund door manager Frank Lüdtke, langzamerhand opklimmend naar grotere zalen en ondertussen drie Volkswagen busjes verslijtend, tekent de band bij het roemruchte RecRec Music label uit Zürich, nadat ze eerst een bijzonder luidruchtige presentatie hebben gegeven tijdens het Berlin Popkomm festival, gebruik makend van sloopmaterialen uit Tacheles, kraakpand in Berlin Mitte en culturele broedplaats van de vroege jaren '90. Port Famine, het eerste album, wordt opgenomen in 's Hertogenbosch door Frank van der Weij, die drie CD's van de band zal produceren. Een gemiddelde van 120 concerten per jaar wordt de standaard; optredens op prestigieuze festivals als Documenta '92 in Kassel een feit. Stefan is ondertussen vervangen door een gretige Frank van Berkel, voorheen bassist van The Fish Hospital en The Schismatics. Hôtel Brennessel, het tweede album, wordt live opgenomen op locatie in een vervallen kasteel op het eiland Usedom, voormalige DDR. Teneinde de boheemse sfeer op het podium te benadrukken wordt besloten gebruik te maken van een decor, een canvas drieluik van 7 bij 2,5 meter bevestigd aan een houten frame staande op stalen sokkels, oprolbaar en toch stevig, voorstellend een troosteloze hotelkamer voor de Hôtel Brennessel tour, en een commedia dell'arte graffiti muur voor het volgende album, Piazza Orphelins. Deze CD, opgenomen in Amsterdam, is de zwanenzang van François. Zijn nieuwe project Les Enfant Rouges, een terugkeer naar de avant-rock stijl, krijgt prioriteit boven Gran Teatro Amaro, en de agenda's van beide bands blijken niet langer verenigbaar. Dus, exit François.

O42, Nijmegen, 1994 (decor Christine van der Cingel)

Col-legi Major Lluís Vives, Valencia, 2002 (decor Emanuele Luzzati)

Aangezien er al concerten in Spanje en Duitsland staan gepland, wordt Gat uit Barcelona gevraagd om de gelederen te komen versterken. Als lid van het Bel Canto Orquestra van Pascal Comelade en van RAEO, een duo met trompettist Mark Cunningham, is Gat geen zanger maar veeleer een percussionist en mandoline speler, dus de vocale taken worden voortaan verdeeld tussen Roberta en Robert. Als Frank besluit een andere carrière te gaan volgen–tegenwoordig is hij jazz-promotor te Rotterdam–treden bassist Mischa Kool en multi-instrumentalist Tiedo toe tot de groep, waarmee deze voor het eerst een kwintet wordt. Met deze bezetting wordt nieuw materiaal geschreven gedurende een periode van enkele jaren. Dit vanwege het feit dat de band niet langer de enige bezigheid is van haar leden: Robert is gaan werken bij het locatietheater gezelschap Dogtroep, terwijl Roberta druk is in Hamburg met het RecRec label. Opnames voor het vierde album La Vie En Rouge, een zelf gefinancieerd en geproduceerd project, vinden plaats op locatie in Groningen. Uitgebracht in 2002 door Gat's label G33G Records, gevolgd door een uitgebreide Spaanse tournee, waarbij drummer en marimba speler Panc Daalder de opvolger is van Tiedo, betekend deze CD het einde van Gran Teatro Amaro.

Tenminste, tot 2009. In de tussenliggende 7 jaar is Roberta teruggekeerd naar Rome en een nieuw leven begonnen, dus Robert is de enige overlevende uit de begindagen. Aanvankelijk terughoudend geeft hij uiteindelijk toe aan Gat's smeekbeden en de belofte van een lente-tournee in Spanje: emails worden verstuurd, gesprekken worden gevoerd en een bayan speler wordt gevonden in de persoon van Oleg Fateev, een Moldaviër opgeleid aan het conservatorium van Moskou in deze Russische variant van de accordeon. Op de laatste dag van de tournee wordt het nieuwe materiaal opgenomen met twee microfoons en een laptop in de schuur van Gat in Santa Maria de Miralles. Het resultaat is te beluisteren op de vijfde CD Souvenir de Miralles. Ondertussen heeft Oleg sinds 2011 plaats gemaakt voor accordeonist en trombonist Peter van Os, waarmee weer een nieuw instrument wordt toegevoegd aan het immense auditieve palet van Gran Teatro Amaro.

Reus, 1998

El Matadero, Huesca, 2011

Pati de la Casa Calba, Tavernes de la Valldigna, 2013